Pyreneeën 2011

 


Woensdag 13 juli rijden we naar Argelès-Gazost, in de Pyreneeën, dicht tegen de Spaanse Grens. Een hotel waar vele fietsers verblijven en je elke dag extra pasta kan eten naast een 3-gangendiner. We verblijven in Hotel Primerose.

 
 

Op donderdag 14 juli willen we de Tour de France “live” meemaken in de bergen. Op dat moment staat Robert Geesink goed in het klassement en heeft Johnny Hoogerland een ongeval gehad waar hij in het prikkeldraad was beland door een foute manoeuvre van een chauffeur van de Franse televisie. We fietsen vanuit het hotel naar via de D921 naar Luz-St-Saveur. Op het plein voor de klim naar Luz-Ardiden is het Tour de France feest met muziek en marktkraampjes. Heel gezellig.

 

Na even in het feestgedruis rondgelopen te hebben, starten we aan de klim naar Luz-Ardiden die we voordat de Tour karavaan komt graag zelf tussen alle toeschouwers willen rijden. Dit is een bijzonder leuke ervaring. Je wordt aangemoedigd alsof je zelf de Tour de France rijdt. Allemaal feestende mensen op de berg.

       

Het is wel even wachten voordat eerst de reclame karavaan langs komt en daarna de renners. Vele renners herkennen we heel goed, waaronder Robert Geesink die daar zijn laatste dag in de witte trui rijdt. Ook Johnny Hoogerland met zijn bolletjes fiets is goed te herkennen.


          

 

 

Nadat alle renners voorbij zijn, moeten we afdalen. Dat is een bijzonder drukke bedoening. We raken elkaar zelfs kwijt, wat een vervelende ervaring is. Dit werd veroorzaakt door verkeerregelaars, die mij en Mirjam een andere richting uit gestuurd hebben. Zo beland ik terug in Luz-St-Saveur en Mirjam op de weg tussen Luz-St-Saveur en Argelès-Gazost. Zij moest in de afdaling een afslag nemen. Stress, stress. Gelukkig krijgen we elkaar telefonisch te pakken en heb ik in de gaten waar zij op dat moment is, zodat ik daar naartoe kan fietsen.


 

De dag erna, vrijdag 15 juli, gaan we weer bij de Tour de France kijken. Deze keer bij de Col d’Aubisque. We rijden deze eerst zelf naar boven, direct vanuit Argèles-Gazost, de D918 volgen.

We dalen de Col d’Aubisque aan de andere zijde af, ongeveer 10 kilometer, draaien dan om en klimmen van die kant weer terug tot in de plaats Gourette. We mogen niet meer verder van de Tour organisatie. In Gourette wachten we dan eerst de Tour renners af. Het is dan nog lekker weer.
In 2011 rijdt Bauke Mollema nog voor Rabobank.

Nadat de Tour voorbij is, moeten we eerst nog verder naar de top van de Col d’Aubisque. De top ligt inmiddels in de wolken, het is dus fris boven. We hebben van onze ervaring gisteren geleerd, dus blijven we even lekker in het restaurant op de top tot de grootste drukte weg is. Dan beginnen we zelf aan de afdaling naar ons hotel. Twee dagen leuke ervaring om met je eigen racefiets bij de Tour de France te zijn.

 
 

Op zaterdag 16 juli doen we een korte hele mooie rit naar Pont d’Espagne. Pont d’Espagne bereik je via de Cauterets en is een bijzonder mooi
natuurgebied, waar je bijvoorbeeld met de kabelbaan verder kan om mooie wandelingen te maken.

Vanuit ons hotel nemen we eerst de D921 tot de plaats Soulom. Daar nemen we rechts de D920 naar Cauterets. In Cauterets nemen we de klim naar Pont d’Espagne, die wat steile stukken kent, maar bijzonder mooi is. Een aanrader om te rijden. Vandaag 53 kilometer in de benen.


 

Zondag 17 juli, het is koud in de Pyreneeën en het regent. De temperatuur is maar net 15 graden. Tot halverwege de middag blijft het regenen, dan klaart het op en besluiten we om de Hautacam naar boven te fietsen. We vertrekken om 15.30 uit het hotel. De Hautacam ligt tegenover Argèles-Gazost, je volgt dan de D100. Dit blijkt een bijzondere klim te zijn, waar we echt even aan moeten wennen, het ene moment klim je steil met bijvoorbeeld 13% en het volgende moment is het weer vlak. Bijzonder wisselvallig is deze klim.

Verder blijkt dat de Hautacam aan de koude kant van de berg ligt. Alle kleding die we bij ons hebben gaat in de afdaling aan. Sjaals etc. Zon schijnt, dus lijkt het warm, maar niets is minder waar. Het uitzicht is wel bijzonder mooi.

         


 

Tourmalet. De beklimming die je nooit mag missen, doen wij op maandag 18 juli. Het is vandaag weer zonnig. Eerst fietsen we weer naar Luz-St- Saveur, waar we linksaf gaan en beginnen aan de 18.5 kilometer klim met een gemiddelde stijging van 7.5%. De klim wordt bijzonder zodra je
een grote parkeerplaats passeert. Je hebt dan uitzicht over de weg naar boven, alle bochten in het zicht, dit maakt deze klim zo mooi. De laatste kilometer moet je nog wel even met gemiddeld 10% overbruggen. Boven staat een hele koude wind, we duiken snel het restaurant in. De andere zijde van de Tourmalet ligt in de wolken, dus besluiten we terug te gaan en niet rond te rijden.


 

De volgende dag regent het weer, de hele dag. Het is ook bijzonder koud voor de tijd van het jaar. De hotel eigenaar zegt dat dit maar zelden voorkomt in de zomer. We bekijken wat van de omgeving en bereiden ons voor op de volgende fietsdag waarop we 3 beklimmen doen.


 

Woensdag 20 juli rijden we eerst met de auto via Lourdes en Bagnères-de-Bigorre naar Campan. Vanaf daar beklimmen we eerst de Col d’Aspin, D918. Die dalen we af aan de andere zijde en gaan in Arreau de D618 op om de Col de Peyresourde te beklimmen. Vandaag hebben we schitterend weer. Mooie uitzichten en leuke beklimmingen, die niet te moeilijk zijn.


Boven op de Peyresourde is een heel klein houten restaurant, waar we lekker een tijdje op het terras blijven, heerlijk crepes eten. Toch maar weer op de fiets, en dezelfde weg terug. Deze keer beklimmen we de Col d’Aspin dus van de andere zijde.

         
 

 


 

De laatste dag is het wederom niet zulk goed weer. Het is koud en vele bergtoppen zitten in de wolken. We besluiten een korte rit te doen naar Lac d’Estaing, dan terug via Col de Bordères, die daarna aansluit op de Col d’Aubisque die we dan alleen naar beneden hoeven terug naar het hotel. Vanuit Argèles-Gazost nemen we direct de D101, een stille weg naar Arcizans. Daar slaan we af, de D13, die later overgaat in de D103 naar Estaing. De weg eindigt bij het meer. We draaien terug en nemen na enkele kilometers, de klim linksaf naar Col de Bordères. Een steile maar korte klim. In de afdaling is net geasfalteerd, er ligt allemaal grind, dus doen we het rustig aan. Daarna nog verder afdalen via de D918 terug naar het hotel.


 

En zo eindigt onze eerste leuke ervaring in de Pyreneeën. Het weer was dit jaar niet zo goed, dus besluiten we al dat we zeker terugkomen, wat uiteindelijk al in 2012 is.